Wederopbouw van Rhenen

Rhenen is tijdens de slag bij de Grebbelinie zwaar beschadigd. De in de steigers staande Cuneratoren stond echter nog fier overeind. Er wordt snel begonnen met de wederopbouw.

Bron: De Oorlog, deel 2 (1 min. 41 sec.)

Media:

  • Wederopbouw van Rhenen
    Wederopbouw van Rhenen
    Rhenen is tijdens de slag bij de Grebbelinie zwaar beschadigd. De in de steigers staande Cuneratoren stond echter nog fier overeind. Er wordt snel begonnen met de wederopbouw.
    Bron: De Oorlog, deel 2 (1 min. 41 sec.)
    Magnifier
    Rhenen
    Rhenen
    Rhenen
    Bron: De Oorlog, deel 2

Wederopbouw Rhenen

Niet alleen Rotterdam was zwaar beschadigd in mei 1940. Ook Rhenen trof dat lot, de gemeente op de grens van Utrecht en Gelderland, waar rond de Grebbeberg dagenlang en hevig slag geleverd was.
Slachtoffers vielen er niet in het stadje. De bewoners waren gedurende de slag om de Grebbeberg geëvacueerd. Met kolenschuiten waren ze naar nabijgelegen plaatsen gebracht.

Toen de bewoners van Rhenen op 18 mei 1940 terugkeerden deden ze twee ontdekkingen: nagenoeg het hele stadje lag in puin, maar hét herkenningspunt van Rhenen, de Cuneratoren (laat gotiek, gebouwd in het begin van de zestiende eeuw), was vrijwel heel gebleven en stond nog fier overeind.

In de zware beschietingen waren 162 woningen verwoest en ongeveer duizend min of meer zwaar beschadigd. Net als Rotterdam ging Rhenen direct aan de slag, puin ruimen.

Alle 200 werklozen van het stadje werden ingeschakeld, voor 28 cent per uur, maar er werden ook Amsterdammers ingezet. Pas in augustus 1941 was al het puin weg.

Ook in Rhenen boden de vernielingen de mogelijkheid om het nogal in het slop geraakte stadje weer een nieuwe economische impuls te geven.

De plannen uit 1940 bevatten allerlei suggesties voor verbeteringen: een haven en een industrieterrein en bovendien moest Rhenen aantrekkelijker worden voor toerisme. Dat laatste lukte sowieso al: menig Nederlands gezin pakte de fiets en ging kijken hoe Rhenen er bij lag.

Hotel Grebbeberg, grotendeels vernield, improviseerde die zomer een terras met stoeltjes en bediende vanuit een houten barak. Het leven ging door.

De bouw van nieuwe huizen kwam snel op gang, in de loop van 1942 hadden alle Rhenenaren weer een dak boven hun hoofd, en bij velen was dat een gloednieuw dak.


Bronnen:
*J.G. Koekoek en H.P. Deys, 'Gebroken lente: Rhenen 1940-'45' (Wageningen, Veenman en Zonen 1980) (fotoboek).
*H.P. Deys, 'Rhenen bedreigd, bezet, bevrijd. De geschiedenis van de oorlogstijd in Rhenen' (Rhenen, 1995)