Gijzelaarskampen in Brabant

In mei 1942 werden enige honderden vooraanstaande Nederlanders door de Duitsers opgepakt en opgesloten in St. Michielsgestel. Ook in Haaren kwam later een gijzelaarskamp. Herman van Run was één van de gijzelaars.

Bron: De Oorlog, deel 3 (1 min. 42 sec.)

Media:

  • Gijzelaarskampen in Brabant
    Gijzelaarskampen in Brabant
    In mei 1942 werden enige honderden vooraanstaande Nederlanders door de Duitsers opgepakt en opgesloten in St. Michielsgestel. Ook in Haaren kwam later een gijzelaarskamp. Herman van Run was één van de gijzelaars.
    Bron: De Oorlog, deel 3 (1 min. 42 sec.)
    Vijf gijzelaars gedood
    Vijf gijzelaars gedood
    De dood van 5 gijzelaars werd onverwacht door de Duitsers aan de andere geschokte gijzelaars, waaronder Herman van Run, medegedeeld. Minister-president Gerbrandy reageerde via Radio Oranje vanuit Londen.
    Bron: De Oorlog, deel 3 (2 min. 22 sec.)
    Magnifier
    Opnames in Haaren
    Opnames in Haaren
    Opnames van De Oorlog in Haaren
    Bron: De Oorlog, deel 2

Gijzelaarskampen in Brabant

De 'represaille-reserve' van de Duitsers

Op 4 mei 1942 arresteerden de bezetters 460 keurige heren, die geen van allen een flauw vermoeden hadden wat daarvoor de reden was.
Het waren hoogleraren, politici, schrijvers, musici, advocaten, geestelijken, burgemeesters: een indrukwekkende doorsnede van de elite van Nederland.

Met vrachtwagens werden ze vanuit het hele land samengebracht naar een gijzelaarskamp in Brabant: St Michielsgestel. Ruim twee maanden later zouden nog eens iets van 800 Nederlandse gijzelaars in een kamp in Haaren worden vastgezet

Tot eind 1944 zouden honderden notabele Nederlanders als gijzelaars vastzitten in het voormalige kleinseminarie van St Michielsgestel en in Haaren, waaronder bekende figuren als Simon Vestdijk, Anton van Duinkerken, Johan Huizinga,  Jan de Quay, Willem Schermerhorn. Daarnaast waren er ook vele onbekende gijzelaars, zoals Herman van Run.

Ze waren niet te vergelijken met ‘gewone gevangenen’; De Duitsers beschouwden deze groep als onderpand. Zolang de Nederlandse bevolking zich netjes en coöperatief gedroeg, zouden de gijzelaars geen haar op het hoofd worden gekrenkt.

Was dit niet het geval, dan zouden één of meerdere van hen zonder pardon worden geëxecuteerd. Zo fungeerden de gijzelaars als een soort ‘represaille-reserve’.


Bronnen:
*'Sint Michielsgestel' (Andere Tijden)
*J.C.H. Blom, 'De gijzelaars van St.Michielsgestel en Haaren. Het dubbele gezicht van hun geschiedenis' (Amsterdam 1992)
*M.de Keizer, 'De gijzelaars van Sint Michielsgestel. Een elite-beraad in oorlogstijd' (Alphen aan de Rijn 1979)
*'Gedenkboek Beekvliet' (Schiedam 1947)